In het nieuws
Anne-Mei The wint Psychogeriatrieprijs 2009
Nieuwsbericht Skipr
Foto's van de uitreiking
Speech Anne-Mei The
Toen ik studeerde en tussen de colleges door graag op straat zwierf, liep ik vaak langs een groot statig gebouw. Ik vroeg me dan af wat er zich achter de ramen afspeelde. Het was een verpleeghuis, las ik op het bordje naast de ingang. Ik kende niemand in een verpleeghuis. En ik kon me dan ook geen voorstelling maken van hoe het leven daar zou zijn. Het was voor mij een verborgen wereld.
Het toeval wil dat ik jaren later precies in dat verpleeghuis onderzoek ging doen naar het zogenaamde 'versterven'. Twee jaar liep en werkte ik mee op een afdeling Psychogeriatrie. Ik was geraakt door wat ik zag. Oude kwetsbare mensen die leiden aan geestelijke verval en volkomen afhankelijk waren van de mensen die voor hen zorgen.
Er waren veel ontroerende, mooie en grappige momenten. Ik heb in die tijd veel geleerd over ziekte, ouderdom, ontluistering en dus eigenlijk over hele wezenlijke aspecten van het leven, waar we vroeg of laat allemaal mee te maken krijgen. Waaraan we in eerdere fasen van het leven liever niet willen denken. Die confrontatie stellen we liever uit tot het moment dat het echt niet meer kan, om er dan door te worden overvallen. Ook dat hoort bij het (moderne) leven.
Als ik iets heb geleerd is het dat het in het verpleeghuis draait om mensen. Mensen die er wonen, werken en op bezoek komen. Er is tegenwoordig heel veel aandacht voor protocollen, best practices, efficiency, fusies, verbeterplannen, allerhande certificaten en papierwerk. Daarmee moet de kwaliteit van zorg naar een hoger plan worden getrokken en moet de kwaliteit worden bewezen.
Maar: als er geen medewerkers zijn om al die prachtige plannen uit te voeren komt er niks van terecht. Ik durf zelfs te stellen dat als er voldoende en goede medewerkers zijn al die plannen en papieren helemaal niet nodig zijn.
Want wat wil je als dochter van een demente vrouw in het verpleeghuis? Dan wil je toch dat ze je moeder zien, zich in haar blijven verdiepen en met aandacht met haar bezig zijn. Dan wil je toch veel liever dat medewerkers rustig naast haar zitten en haar hand vasthouden, in plaats van in het kantoortje formulieren invullen.
Ik ben door wat ik gezien heb overtuigd geraakt dat de kwaliteit van zorg wordt bepaald door de kwaliteit van de relatie van de medewerkers op de werkvloer en bewoners. Investeren in die relatie en in medewerkers betekent investeren in kwaliteit van zorg, en dus in kwaliteit van leven van de bewoners. Als je niet naar medewerkers luistert en ze niet met respect behandeld, hoe kan je dan van ze verwachten dat zij naar bewoners luisteren en hun respectvol bejegenen?
Ik heb gezien hoe medewerkers enorm hun best deden om hun werk goed te doen, maar het niet lukte omdat ze met te weinig waren, onvoldoende geschoold waren en van bovenaf te weinig steun ondervonden. Medewerkers willen graag contact met de mensen voor wie ze zorgen, maar hebben daar de tijd en rust vaak niet voor. En dat is niet goed. Want zorgen voor mensen met een dementie begint met kijken naar die mens. Wie was hij? Wie is hij nu? Wat heeft hij nodig om te kunnen zijn wie hij is? En wat kan ik doen om dat te bewerkstelligen?
Werken in het verpleeghuis is mensenwerk. Het gaat om ontmoetingen en het aangaan van relaties. En daarvoor is reflectie nodig en introspectie. Het is niet alleen nodig de ander te kennen, maar ook jezelf. Want alleen dan kan je de consequenties overzien van je eigen gedrag op die ander.
Ik ben geraakt door deze prijs. Ik heb met veel plezier en bevrediging afgelopen jaren gewerkt. Er was een ding dat ik moeilijk heb gevonden en dat is de tegenwind die ik ondervond. Waar bemoeide ik me als buitenstaander mee? Ik kwam maar net kijken en begreep er niets van. Ik zette de sector in een negatief daglicht. Deze prijs krijgen van - wat ik toch maar beschouw - de gevestigde orde van de psychogeriatrie - doet me goed.
Natuurlijk deed ik het niet alleen. Er waren velen die me hielpen. Maar in het bijzonder: Dankjewel Ine van Hest. Jij belde me uit het niets op als directrice van een groot fonds en het was jij die me zachte hand dwong me in te zetten voor de wereld die ik had bestudeerd. Dankjewel Cilia Linsen voor het samen opzetten van het intervisieproject De Werkvloer Centraal en het uitvoeren ervan. Jij doet nu het eigenlijke werk. Dankjewel Marco Ouwehand voor de betrokken wijze waarop we samen de Martha Flora Huizen - voor mensen met een dementie - ontwikkelen en tot leven brengen.
En vooral dankjewel alle verzorgenden die me de werkelijkheid op de werkvloer in het verpleeghuis hebben laten zien en ervaren. Jullie hebben me die verborgen wereld in dat statige gebouw achter die ramen onthuld, waar ik als student langs liep. Het is een werkelijkheid die voor de buitenwereld te vaak verborgen blijft. Het is een wereld die ik niet snel zal verlaten.
Ik ben heel erg trots op deze prijs. Ik ervaar het als een erkenning voor het - met tegenwind- volgen van intuïtie. Dat heb ik gedaan. En ik ben me er bewust van dat ik dat heb kunnen doen. Ik weet dat veel medewerkers in het verpleeghuis dat niet kunnen. En ik weet dat het machteloosheid en frustratie veroorzaakt te weten wat goed is om te doen, maar niet over de mogelijkheden en middelen te beschikken om het te bewerkstelligen. In het verpleeghuis zou voor de werkers veel meer ruimte moeten komen voor het professioneel ontwikkelen van deze intuïtie en hiernaar te handelen.
Ik draag deze prijs dan ook op aan alle medewerkers op de werkvloer van de verpleeghuizen. Jullie zijn nog niet van mij af!

