Hugo ter Brake over leven met Lewy body-dementie
Gepubliceerd op 29 januari 2026
Hugo ter Brake: ‘Ik keek uit het raam en zag mijn ouderlijk huis weer’
Enige tijd geleden kreeg voormalig strafrechtadvocaat Hugo ter Brake (71) de diagnose Lewy body-dementie. Een schok, voor hem én zijn gezin. Het Martha Flora-huis in Hoorn was de eerste woonzorglocatie die hij bezocht. Het bleek direct een schot in de roos. Hij wist al snel dat hij zich er thuis zou voelen. Hugo: ‘Alles klopte: de locatie, de kamers en het betrokken personeel.’
‘Ik was een heel gelukkig mens en had alles wat ik me kon wensen. Toch voelde ik me somber en ontevreden. Iets klopte er niet’, vertelt Hugo ter Brake in het theehuisje, gelegen in de bijzondere grote tuin van het Martha Flora-huis in Hoorn. De voormalige strafrechtadvocaat deelde zijn zorgen destijds met de huisarts. ‘Die dacht eerst aan een burn-out. Dat hoopte ik ook, maar na verder onderzoek bleek het Lewy body-dementie te zijn.’
Het thuis wonen werd al gauw steeds moeilijker voor Hugo. Samen met zijn vriendin bezocht hij daarom een jaar geleden de Martha Flora locatie in Hoorn. Een grote villa uit 1615 aan de rand van het oude centrum van Hoorn. ‘Het voelde meteen goed.’ Tijdens de bezichtiging keek hij uit het raam van de huiselijke woonkamer dat aan de weg grenst. Zijn oog viel direct op het huis aan de Tweeboomlaan waar hij als kind had gewoond. Dierbare herinneringen kwamen bij hem terug. ‘Het voelde alsof ik droomde. Alle aspecten aan de zorg sprak mij aan, maar dit trok mij echt over de streep.’
Een onverwacht snelle plek
Niet veel later kreeg hij het berichtje dat er een plekje vrij was. ‘Eigenlijk leefde het nog niet bij me. Het kwam sneller dan verwacht. Je kunt je niet voorstellen wat er dan allemaal door je heen gaat. Wat zouden mijn drie kinderen hiervan vinden? Maar zij, net als mijn vriendin, waren juist positief en moedigden het aan.’ Het appartement dat de voormalige strafrechtadvocaat krijgt toegewezen is ruim, huiselijk en kijkt uit op zijn ouderlijk huis. ‘Ik zit vaak voor het raam. Het brengt me terug naar een fantastische jeugd.’
Strafrechtadvocaat
Met trots kijkt Hugo terug op zijn carrière. Hij werkte niet alleen twintig jaar als docent strafrecht aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, maar bouwde ook een stevige reputatie op als strafrechtadvocaat. In 1986 promoveerde hij en startte hij zijn eigen advocatenkantoor in Hoorn. Een pand met dezelfde klassieke sfeer als zijn huidige woonplek. Met ornamenten aan het plafond en een schouw van marmer. Hij realiseerde zich dat een advocaat nooit alles kan beheersen en ging voor een specialisme in strafrecht. ‘Iedereen verklaarde me voor gek’, vertelt Hugo met een twinkeling in zijn ogen. ‘Mijn collega’s hadden medelijden, maar een paar jaar later zat mijn agenda vol met strafzaken – vooral hennepzaken.’
Een toga van hennep
‘Trucs’ in de rechtszaal hoeven niet per se verbaal te zijn, vindt hij. ‘Rechters horen vaak hetzelfde verhaal, probeer eens iets origineels en verrassends.’ De 70-jarige staat in de wereld van strafrecht dan ook bekend om zijn sterke pleidooien en creatieve aanpak. In 2014 kreeg hij landelijke aandacht toen hij in een toga van hennep verscheen tijdens een grote hennepkweekzaak. Met die actie zette hij een krachtig statement neer: hij bekritiseerde de Opiumwet én de manier waarop het Openbaar Ministerie financiële straffen toepaste. ’”Als zij strafbaar is, dan ben ik het ook,” zei ik tegen het hof. “Dit gewaad is van hennep.”’ De toga heeft nu een dierbaar plekje in de kast van zijn dochter die ook advocaat is. ‘Misschien gaat het ooit nog naar het Hennepmuseum in Amsterdam.’
Beweging als medicijn
Ondanks zijn drukke bestaan bleef Hugo altijd sportief. ‘Ik liep halve marathons’, vertelt hij nonchalant. En ook nu houdt hij zijn dagelijkse routine vol: elke ochtend jogt hij door de tuin van het verzorgingshuis. Altijd samen met een verzorger. Regelmatig motiveert hij ook andere bewoners om mee te bewegen. En alsof dat niet genoeg is, doet hij wekelijks een rondje binnenstad met zijn vrienden. Het helpt hem in zijn ziekteproces. ‘Na het joggen voel ik me meer mezelf. Dan ben ik er weer.’
Een mooi leven
‘Ik heb een heel mooi leven achter de rug en nog steeds. Maar vraag me regelmatig af waarom mij dit moest overkomen? Ik had nog zoveel plannen!’ De verzorgers van Martha Flora helpen Hugo bij de verwerking en acceptatie van de ziekte en bij zijn klachten. ‘s Nachts heeft hij vaak hevige krampen. ‘Gelukkig zijn de verpleegkundigen er dan. Ze masseren me, geven medicijnen en praten met me. Dat helpt enorm. Het doet me goed dat de mensen hier écht naar me luisteren. Alleen had ik het niet gered.'




